UBO-register afgeschermd

Het UBO-register is afgeschermd sinds 22 november 2022. Tot die tijd waren UBO gegevens publiek toegankelijk via de website van de Kamer van Koophandel (kvk.nl). Minister Kaag van het ministerie van Financiën heeft de Kamer van Koophandel gevraagd tijdelijk geen informatie te verstrekken uit het UBO-register. Dit vloeit voor uit een uitspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJEU) van 22 november jl.

Wat was er aan de hand?

Het UBO-register is net als het Handelsregister een databank met (persoons)gegevens. Het bevat de persoonlijke gegevens van een uiteindelijk belanghebbende (Ultimate Beneficial Owner). De invoering is een gevolg van de vierde EU-antiwitwasrichtlijn (de richtlijn). Alle lidstaten van de EU zijn verplicht om een UBO-register te hebben. In Nederland is het UBO-register in september 2020 in werking getreden.

Een deel van het UBO-register is publiek toegankelijk. Een ander deel is alleen toegankelijk voor bepaalde onderdelen van de overheid. De publiek toegankelijke informatie is:

  • voor en achternaam
  • geboortejaar en geboortemaand
  • nationaliteit
  • land waar de ubo woonachtig is
  • het juridisch / economisch belang van de UBO

Afscherming van de UBO is (heel beperkt) mogelijk op grond van het Handelsregisterbesluit. Deze publieke toegankelijkheid is ter toetsing voorgelegd aan het HvJEU. Het betrof hier het UBO-register in Luxemburg.

Waarom publiek toegankelijk

De publieke toegankelijkheid is een uitwerking van overweging 30 van de richtlijn. Het idee is namelijk dat openbaarheid (publieke toegankelijkheid) bijdraagt aan het behoud van vertrouwen in de integriteit van zakelijke transacties en het financiele stelsel. Ook wordt overwogen dat publieke toegang bijdraagt aan bestrijding van misbruik van vennootschappen en misbruik van juridische constructies. Toegang tot die informatie zou bijdragen aan onderzoeken naar witwassen van geld en terrorismefinanciering.

Oordeel HvJEU

Het HvJEU oordeelt dat de toegankelijkheid van persoonsgegevens voor een onbeperkt publiek een inbreuk vormt op de grondrechten. Als informatie eenmaal opgevraagd is uit het UBO-register, kan deze worden opgeslagen en verspreid. Verdediging tegen misbruik is dan haast onmogelijk. Het vormt dan ook een inbreuk op – kort samengevat – de privacy (een grondrecht dat is opgenomen in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie).

Inbreuk op het grondrecht is (beperkt) mogelijk, maar mag niet verdergaan dan strikt noodzakelijk. En dat het register bijdraagt aan misbruik en onderzoek, gaat verder dan strikt noodzakelijk is. Het HvJEU overweegt dat de doelstelling (bestrijding van witwassen en terrorismefinanciering)een ernstige inmenging van (privacy)grondrechten kan rechtvaardigen. Maar zo overweegt het HvJEU:

een feit blijft dat de bestrijding van het witwassen van geld en van terrorismefinanciering in de eerste plaats een zaak is van de overheid en van entiteiten zoals kredietinstellingen of financiële instellingen die uit hoofde van hun activiteiten ter zake specifieke verplichtingen hebben

Daarom gaat het volgens het HvJEU te ver, als iedereen toegang heeft tot de persoonsgegevens van uiteindelijk belanghebbenden.

Gevolgen uitspraak voor NL?

De uitspraak ging over het UBO-register zoals dat geldt in Luxemburg. Toch is de kans groot dat ook de Nederlandse versie de toets der kritiek niet doorstaat. Vanaf 22 november 2022 is het UBO-register i.i.g. niet meer publiek toegankelijk. Hoe dat verder gaat is ten tijde van het schrijven van dit artikel onduidelijk.

Vragen?

Neem gerust contact op met onze specialisten.

Categories:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *